Meestal blijf ik er vandaan, maar soms tref je een quote die zo recht in de roos is dat je ‘m wel moet gebruiken. Deze bijvoorbeeld: “Geef iemand een vis en hij heeft één dag te eten. Leer hem vissen en hij heeft de rest van zijn leven te eten.”
Het wordt vaak een Chinees spreekwoord genoemd, maar de oudst bekende versie staat in een Engelse roman uit 1885: Mrs. Dymond van Anne Thackeray Ritchie. Daar is het nog bescheidener. Geef je iemand een vis, dan heeft hij een uur later weer honger. Leer je hem vissen, dan bewijs je hem een goede dienst. Een uur. Zo kort werkt symptoombestrijding soms.
Mooi, in welke versie dan ook. Alleen mist er iets. Wie weleens heeft gevist, weet dat het leren nog het makkelijke deel is. Het lastige deel is de derde ochtend op rij aan de waterkant staan, in de regen, zonder beet. Dan wordt die vis bij de visboer ineens erg aantrekkelijk.
Eigenlijk gaat het bij KrijgGrip om precies die drie dingen: een probleem, leren van de oplossing en volhouden. Los van elkaar heb je er weinig aan. Samen werken ze.
Probleem: een vis geven
Het begint met iets waar je tegenaan loopt. Een doel dat je wilt bereiken, maar het lukt niet. Of iets waar je vanaf wilt, maar dat lukt ook niet. Er is in ieder geval één ding waar je aan wilt werken of een oplossing voor zoekt.
Dan is het belangrijk om onderscheid te maken tussen een probleem oplossen en (slechts) symptoombestrijding. Soms is symptoombestrijding voldoende. Een paracetamol tegen de hoofdpijn kan prima werken. Heb je chronische hoofdpijn, dan ga je toch naar de huisarts om naar de onderliggende oorzaak te laten kijken.
Met doelen werkt het net zo. Soms is het genoeg om dat ene doel aan te tikken. Een polsstokhoogspringer tikt de lat aan en valt terug op de mat, en zo hoort het ook. Maar wil je op de tweede verdieping zijn, dan wil je niet telkens in de kelder uitkomen.
In de hulpverlening heet dit deel therapie: oplossen wat nu pijn doet. Piet Weisfelt beschrijft therapie in Op weg naar gezondheid zelfs als een leerproces. Wie alleen van zijn klachten af wil, mist volgens hem dat de eigen persoonlijkheid in het geding is. Een therapie zonder dat je er iets van leert, is louter symptoombestrijding. Dat ene pijnpunt is weg, tot het volgende zich aandient. Een vis voor één dag.
Leren: leren vissen
Liefst wil je niet bij elk soortgelijk geval weer een heel traject door. Je wilt iets leren. Wat je geleerd hebt, kun je vaker toepassen, en als je het eenmaal onder de knie hebt, kun je er zelfs mee spelen.
Ik maak vaak de vergelijking met leren autorijden. De meesten van ons doen het dagelijks zonder na te denken. Maar je weet vast nog hoe die eerste rijlessen voelden. Je ging toen door wat de leercurve heet, en die heeft vier fasen:
- Onbewust onbekwaam. Je zag je vader of moeder rijden. Het ging zo soepel dat het vast niet heel moeilijk kon zijn.
- Bewust onbekwaam. De eerste les. Wegrijden bij een verkeerslicht, linksaf met tegemoetkomend verkeer, een rij auto’s in je nek. Toen begreep je waarom het stuur van de lesauto van die verkleurde plekken had: het angstzweet vreet aan het nepleer.
- Bewust bekwaam. Na een fiks aantal lessen gaat het. Je moet nog over elke handeling nadenken, maar je slaagt. Je eerste ritjes alleen kosten nog flink wat moeite.
- Onbewust bekwaam. Meters maken, vlieguren maken, tot alles op de automatische piloot gaat. (Dat je onbewust bekwaam bent, realiseer je je natuurlijk nooit.)
De lastigste plek in die curve is de tweede fase. Daar word je voor het eerst geconfronteerd met wat je niet kunt. Opgeven is dan erg verleidelijk, zeker als er een goede reden voorbijkomt: het is druk, je bent ziek, het komt nu even niet uit. Wie ooit een boek over een nieuw onderwerp half heeft gelezen, kent dat moment.
Volhouden: blijven vissen
Waarom ben je destijds niet gestopt met rijles? Deels door je eigen drive. Maar ook omdat er iemand naast je zat: de rijinstructeur. Iemand die wist dat die tweede fase erbij hoort, en die volgende week gewoon weer voor de deur stond.
Dat is begeleiding. Zonder begeleiding blijft het bij velen bij symptoombestrijding, of geven ze het op in die eerste fasen van de leercurve. Een blijvende oplossing vraagt om iemand die het hele proces meeloopt.
Maar begeleiding heeft wel een doel nodig. Een reis zonder bestemming is een zwerftocht. Een fysieke zwerftocht kan heerlijk zijn, maar dan is het zwerven zelf het doel. Een emotionele of geestelijke zwerftocht is dat zelden. Zeker niet als je eigenlijk best weet waar je heen wilt.
Waar ze elkaar raken
Alle drie bestaan ze los van elkaar. Je kunt een probleem oplossen zonder er iets van te leren. De leercurve doorloop je, meestal ongemerkt, bij alles wat nieuw voor je is. En begeleiding kan eindeloos doorgaan zonder ergens aan te komen.
Weisfelt ziet die samenhang ook. Therapie en begeleiding verschillen volgens hem alleen in accent: het zijn allebei persoonlijke leerprocessen. En hij waarschuwt voor het andere uiterste: eindeloos naar binnen kijken terwijl de problemen gewoon blijven. Inzicht zonder doen, dus.
Het sterkst zijn ze waar ze elkaar overlappen. Het is natuurlijk erg flauw om dat in een Venn-diagram te tekenen. Maar soms is een cliché niet te weerstaan.

Bij KrijgGrip heten de drie cirkels Inzicht, Plan en Doen.
- Inzicht. Wat is het werkelijke probleem? En pak je de oorzaak aan, of alleen het symptoom?
- Plan. Wat moet je leren om het zelf te kunnen? En wat kun je onderweg verwachten, juist in die tweede fase?
- Doen. Wie houdt je eraan als het tegenvalt?
In het midden zit accountability. Dat is geen stem die zegt dat je harder moet. Het is iemand die eerst met je kijkt wat er werkelijk aan de hand is, die weet dat de dip erbij hoort, en die volgende week gewoon weer naast je zit.
Je weet waarschijnlijk al waar je heen wilt. Misschien weet je zelfs al hoe. Wat ontbreekt is meestal het blijven vissen als er even niets bijt. Daar ben ik voor.