Deze site is in opbouw. Mooi voorbeeld van iets dat al mag bestaan voor het af is. Wat in de weg staat, wordt de weg, ook hier.

Wat ik wilde zeggen, en wat eruit kwam

In mijn hoofd was het een prachtig verhaal. Logische opbouw, mooie cadans, een grappige terzijde halverwege, en een afsluiter waar je een prijs voor zou krijgen. Toen deed ik mijn mond open.

Een vaag verhaal, op het verkeerde moment, een hoop gestotter en met een rood hoofd komt er niet veel meer dan “Ja. Eh. Dus. Nou”

Welkom in mijn hoofd. Of beter, bijna welkom in mijn hoofd. Want het loket tussen wat ik denk en wat ik zeg is bemand door iemand die er meestal net even niet is. Die persoon heet, deftig gezegd, de prefrontale cortex.

Een vriend van mij, overduidelijk zonder ADHD, heeft zijn prefrontale cortex een naam gegeven. Heerlijk idee, want hij heeft er meteen iemand bij om tegen te mopperen als ‘ie weer eens een blokje om is. Dat gebeurd overigens nooit, daarom heeft ‘ie waarschijnlijk ook een naam: het loket is altijd bemand. Een tof idee, maar zelf ben ik er nooit uitgekomen welke naam ik dan zou kiezen. Dat zegt waarschijnlijk meer over de staat van mijn prefrontale cortex op een willekeurig moment dan ik wil toegeven: vragen aan de afdeling beslissingen om een beslissing te nemen, is een gevecht dat ‘ie zelden wint.

De receptie van je brein

Een hersenanatoom zou de prefrontale cortex waarschijnlijk anders beschrijven. Hij zit voorin je hoofd, ongeveer waar bij paarden de manen ophouden, en regelt zo’n beetje al het werk dat een mens van een dier onderscheidt. Plannen, prioriteren, je inhouden, kiezen wat je wel en niet zegt. Het is de receptie van je brein: wat binnenkomt gaat eerst langs daar, en wordt netjes doorgeleid of beleefd weggestuurd.

Bij een doorsnee brein werkt die receptie soepel. Je krijgt een idee, de prefrontale cortex sorteert, knipt het rommeltje eruit, zet de hoofdzaak vooraan en geeft een keurig pakketje door aan je mond. Klaar.

Bij een ADHD-brein zit dezelfde receptie, met dezelfde balie en dezelfde stempels. Alleen is de receptionist iets vaker afwezig, en als hij er wel is, kijkt hij ondertussen naar de vogels die buiten het raam vliegen.

Diep en aan de oppervlakte

Communicatie heeft lagen. Diep in jou zit een wereldbeeld: een soort driedimensionaal bouwsel van wat je denkt, weet, voelt en aanneemt over hoe dingen in elkaar zitten. Als je iemand iets wilt uitleggen, bouw je daar in je hoofd een verhaal omheen. Dat verhaal is rijk, klopt voor jou, en heeft alle nuance die nodig is om de ander jouw wereldbeeld te laten zien. Dat is de diepe laag.

Dan moet het naar buiten. En daar zit de eerste verraderlijke vertaalslag. Want taal is plat. Het verhaal in je hoofd is een maquette met deurtjes en raampjes; wat je er met woorden uit kunt halen is een tekening. Je kiest, vaak zonder dat je het door hebt, één oppervlakte-versie van je verhaal. Daar gaan vanzelf dingen verloren, worden andere dingen anders dan je ze in je hoofd had, en sluipen er ongemerkt zelfs onwaarheden in. Voor jou klinkt het compleet, want jij hebt de maquette nog in je hoofd. Voor de ander is het een platte plaat, vatbaar voor minstens vier verschillende interpretaties.

Dat geldt voor iedereen. Maar bij een ADHD-brein, waar de redactie achter het loket sowieso wisselend werk levert, wordt die vertaalslag extra wankel. Ruwweg gaat het op twee manieren mis.

De houtje-touwtje-vertaling

Wat dat in de praktijk betekent? Het mooie verhaal dat ik in mijn hoofd heb, krijgt op weg naar mijn mond geen redactie. Er wordt niet gestreept, niet herschikt, niet vereenvoudigd. Het pakketje wordt gewoon doorgeschoven, en wat eruit valt is een paar losse woorden, een onhandige zin en een blik die zegt: had ik dit niet veel mooier in gedachten?

Ja, dat had ik. Maar de transportband was kapot.

Dit is het rare. De ervaring vanbinnen is niet dat ik niets te zeggen heb. Het is dat ik te veel tegelijk wil zeggen, in de juiste volgorde, met de juiste nuance, en dat het systeem dat normaal de volgorde regelt op dat moment even niet thuis is. Het resultaat klinkt vlak, of stom, of allebei, terwijl er binnen een symfonie speelt.

Het complete verhaal (sorry, sorry, sorry)

De receptie kan ook op een andere manier slecht functioneren. Niet door afwezigheid, maar door overijver. Dan worden er geen irrelevante bijzaken weggeknipt, want alles is hoofdzaak.

Iemand vraagt waar ik woon. Ik begin bij waarom ik ooit naar Amsterdam vertrok, het weer verliet, vertel iets over een specifiek café in de Jordaan, herinner me opeens een verhaal over een hond die er rondliep, kom via een omweg bij mijn bootje, en eindig zo’n tien minuten later bij Bussum. Mijn gesprekspartner is inmiddels een drankje halen en staat geanimeerd te converseren met iemand aan de bar.

Het probleem is niet dat ik te veel weet. Het probleem is dat ik niets te veel vind. Elk detail lijkt belangrijk genoeg om mee te nemen, omdat ze in mijn hoofd inderdaad allemaal vastzitten aan elkaar. Ook dat is voor iedereenh het geval, bij mij is echter de regisseur even weg is (samen met die knakker van het loket). Het gevolg? Iemand stelt een ja-of-nee-vraag en ik lever er een proefschrift bij.

Wat een beetje helpt

Ik heb geen wondermiddel. Wel een paar dingen die werken.

  • Voor het houtje-touwtje-deel: doe net of je in een vreemd land bent en de taal nog niet helemaal beheerst. Praat langzamer. Zoek het juiste woord. Accepteer dat het soms even “eh” wordt. Niemand heeft echt last van een paar seconden stilte. Iedereen heeft last van een tirade waarin niemand meer weet waar het over ging.
  • Voor het te-veel-deel: stel jezelf één vraag voor je begint. Wat is de hoofdzaak? En dan begin je daar. Niet bij 1972. Niet bij de hond. Bij de hoofdzaak. De rest kan altijd nog, als iemand erom vraagt. Meestal vraagt niemand erom, en dat is precies de informatie die je nodig had.
  • En misschien wel de belangrijkste: weet dat dit gebeurt. Dat scheelt een hoop schaamte achteraf. Het is geen karakterfout. Het is een receptie die soms even onbemand is. De naamloze achter het loket komt zo terug van zijn koffie.

En verder

ADHD vraagt iets anders van je dan van mensen om je heen. Niet erger, wel anders. Het verhaal in je hoofd is echt zo mooi als je denkt. Het komt er alleen niet altijd zo uit. Daar is geen pleister voor en geen formule. Wel manieren om er handiger mee om te gaan, en een beetje meer mildheid voor jezelf als het weer eens “Ja. Eh. Dus. Nou.” wordt.

Die naamloze achter mijn loket doet zijn best. Echt.

Plan een kennismaking

Lees ook

Klaar om te ontdekken of het klikt?

Een kennismakingsgesprek duurt dertig minuten en is kosteloos. Het is geen verkoopgesprek, wel een eerlijke verkenning of jouw vraag bij KrijgGrip past.